De bouw
Het maken van de midwinterhoorn vereist
handvaardigheid en groot vakmanschap. De midwinterhoorn wordt gemaakt van een
houten stam of tak, bij voorkeur van berk (Betula) of wilg (Salix). Deze
afgezaagde stam dient men een jaar tot anderhalf jaar te laten drogen alvorens
te stam te bewerken. Deze bomen
zijn vaak aan de randen van slootkanten te vinden. De vorm dient al enigszins
kenmerkend te zijn voordat het hout bewerkt is. De stam dient van nature al een
beetje over de kromming te beschikken, die een midwinterhoorn eigen is. Meestal
wordt een geschikte tak of boom langs een slootkant of op een houtwal gevonden.

Maar ook een kromme tak van een willekeurige boom kan goed worden gebruikt. Als men de boom kapt of zaagt is het van groot belang dat men de stam voldoende lang houdt, met name aan het ondereinde. In totaal moet de ruwe stam nog zo'n 2 meter zijn. Deze afgezaagde stam kan men vervolgens gelijk bewerken, maar enige tijd laten drogen verdient toch de voorkeur.

Tijdens het droogproces kan men een stuk barst verwijderen om er zeker van te zijn dat het hout goed hard wordt. Ook is het verstandig om de uiteinden op te sluiten met een stalen band, een stuk draad of een slangklem. Dit voorkomt grote kopscheuren als gevolg van snelle droging. Als het hout goed gedroogd is kan begonnen worden met de eerste echte bewerking aan de buitenzijde van de midwinterhoorn in wording.

De buitenkant van de stam moet eerst zo bewerkt worden dat deze de vorm van een hoorn krijgt. Dit kan met behulp van verschillende gereedschappen. Er kan onder andere gebruikt gemaakt worden van (op volgorde van grof naar fijn); zaag, bijl, blokschaaf, toogschaaf (ronding) rasp, grof schuurpapier. Het smalste eind waar het mondstuk in komt dient ongeveer 3 a 5 cm dik te worden, het andere uiteinde moet ongeveer een doorsnede van 10 a 15 cm krijgen. Belangrijk detail hierbij is dat de hoorn van dun naar dik een zo egaal mogelijk verloop dient te krijgen. Als de buitenzijde rondom goed bewerkt is, zodat de hoorn haar vorm al heeft, kan men de 'kopse kanten' (opnieuw) recht afzagen.
Hiervoor wordt de hoorn doorgezaagd in de lengte richting met behulp van een scherpe dunne lintzaag, waarmee er zo weinig mogelijk zaagsnede zichtbaar wordt. Op deze twee helften gaat men de wanddikte, ongeveer 8 mm aangeven, dit kan door een evenwijdig lopende potloodlijn te trekken. Nu kan er begonnen worden met het uithakken van de hoorn. M.b.v. een guts (ronde beitel) en een houten hamer kan het hout nu uitgehakt worden tot aan de potloodlijn. Het uithollen met een guts van en van de twee helften van de hoorn tot de juiste dikte is bereikt, vereist een vaste hand.
Bij het smalste laatste stuk waar straks het mondstuk in komt, moet men een gat boren van 16 mm. Na het uithakken schuurt men de wanden glad. Mochten deze bewerkingen over een langere tijd worden uitgevoerd dan doet men er goed aan beide helften tussen de momenten van bewerking door aan elkaar vast te maken voor het opbergen. Dit om extreme vervorming tegen te gaan. Als de beide helften klaar zijn kan men de midwinterhoorn aan elkaar lijmen of alleen m.b.v. biezen aan elkaar maken. Dit laatste werd vroeger altijd gedaan, ook omdat men toen nog geen goede lijm had. Beide helften, die goed droog zijn, bestrijken met voldoende lijm en op elkaar leggen. Nu moet de midwinterhoorn volledig afgesloten worden door er om de ca. 10 cm. een aantal slangklemmen strak om heen te draaien. Na voldoende droging kan de buitenzijde en met name de lijmnaad nabewerkt worden met o.a. schuurpapier om de buitenkant van de hoorn mooi af te werken.
Nu is het moment aangekomen dat het mondstuk (de happe) geplaatst kan worden. Dit is een ca. 10 tot 15 cm lang tuitje dat meestal gemaakt wordt van vlierhout. De diameter hiervan is van ca. 1,5 cm oplopend naar ca. 2,5 cm, met een rond gat in het midden met een diameter van 8 a 10 mm. De grootste zijde is schuin afgezaagd, hier worden de lippen tegenaan gezet.

Om de buitenkant verder af te werken kan men deze eventueel eerst lakken om hem vervolgens met rotan of pitriet banden te voorzien. Deze banden wikkel je meerdere malen om de hoorn en dit met een 'hard op hard maat' van ongeveer 20 cm. Het laatste stukje afwerken zit 'm in het aflakken van de hoorn. Verder kan een ketting of een riem aan de hoorn gemaakt worden om deze op te kunnen hangen. En blazen maar…!!
Teksten, bron: www.midwinterhoorn.nl
(<< hoofdpagina)
(pagina: de midwinterhoorn) (het
bloazen >>)